Improvisatieconcerten

Improvisatie-concert in de Grote of St Bavo

HAARLEM - Het was wel een heel bijzonder orgelconcert, waarnaar de tweeduizend bezoekers maandagavond luisterden. Niet alleen namen er vier organisten aan deel, ook hoorde men louter muziekwerken die een ogenblik te voren nog niet bestonden en die, althans niet op plaat vastgelegd, ook nu niet bestaan. Paarsgewijze wierpen de organisten elkaar hun thema's toe: immers werden zij er even onverwacht voor geplaatst als werd het hun toegeworpen.

Van die thema's kreeg de luisteraar kennis, doordat de organist, die het tot een klankstuk zou verwerken, het vooraf drie malen deed horen. Met een thema van stoere conceptie, door Albert de Klerk opgegeven, opende Anton van der Horst dit merkwaardig concert, dat stellig als stimulans zal werken voor onze organisten die de kunst der oude orgelmeesters weer in ere willen herstellen en waarmee ook Beethoven zulk een magische invloed oefende op zijn hoorders: de kunst van het improviseren. Wij zagen dit thema, dat zich terstond deed kennen als een markant fugathema, verwerken tot een meesterlijk doorgevoerde fuga, waarvan de kracht te beter uitkwam na de breed uitgesponnen en somber gehouden in leiding.

Kleur
Een der moeilijkste opgaven voor de improvisator is: het verzorgen van de kleur. Waar namelijk de bouw van het werk zijn gehele aandacht gevangen houdt, zal hij zich wel zeer sterk moeten concentreren, om ook door de registratie het werk in voordelig licht te plaatsen. De inleiding nu had naar mijn smaak markanter kleuren verdragen. Mogelijk is evenwel, dat die soberheid opzettelijk is aangebracht, zodat de luisteraar slechts heeft te aanvaarden.

Interessant ook was het Passacaglia-thema, door Cor Kee opgegeven, en door George J. Stam zeer kundig en met smaak verwerkt tot het beoogde klankstuk. Dit thema g klein had in kort bestek een geniepige uitwijking f naar A, die harmonisch wel gemotiveerd, maar op die plaats als half cadens niet zonder voetangels was. Ook hier deed zich de vraag gelden, naar méér kleur en klankverscheidenheid, hoewel de bewerking, bijzonder in het pedaal, hoogst interessant was. Ten derden male werd er in de mineur toonsoort een thema opgegeven, thans door George Stam. Cor Kee had dit als „thema met variaties" te bewerken, en hij deed dit op een wijze die toonde hoe hij de verschillende stijlen, van Buxtehude tot Widor, en de vormen, van het trio-spel tot de toccata, volledig beheerste. Onder het tiental variaties, die hij het aanzien gaf, waren het belangrijkst waar de amplificerende kunst van Beethoven of van de late Bach zich deden gelden.

Een feestelijk en grandioos besluit bracht de orgelkunst van onze stadgenoot. Albert de Klerk verwerkte de drie thema's van Anton van der Horst tot een orgelsonate, waarin het stoutmoedig aanvatten van het thema wedstrijd voerde met gedurfde harmonie, en waarbij de speelwijze, die het eenmaal opgezette tempo geen moment verliet, de gedachte wekte als hoorden wij een bestaande compositie. Vooral het derde deel met zijn teruggrijpen op het Andante (deel II) maakte grote indruk. Er daar ook de klankmogelijkheden ten volle werden benut, straalde het kostelijk orgel van Sint Bavo in volle glans en wierp die terug op de jonge kunstenaar, die zo meesterlijk de improvisatiekunst beheerst in zijn meest uitgebreide vorm. G. J. KALT.


Bron: Haarlemsche Courant 03-08-1943

Improvisatieconcert in de Sint Bavo

HAARLEM - Zelden zal men in de imposante Haarlemsche Grote- of St. Bavokerk zoveel kopstukken uit de Nederlandsche Organistenwereld bij elkaar gezien hebben als bij dit Nationaal-, wij lazen ergens zelfs Groot Nationaal Improvisatieconcert. Deze topstukken zaten niet alleen, hoogverheven, aan de klavieren van het machtige en vermaarde Orgel van de grote en geniale orgelbouwer Christiaan Müller, maar waren ook van uit bijna het gehele land in de kerk aanwezig.

Zij in ‘t bijzonder leefden intens mee met de soms niet te breidelen stroom van klanken, die daar vanuit de statige hoogte door heldere hoofden en vaardige handen, zo „voor-de-vuist-weg", over onze hoofden werd uitgestort. Zij vooral zullen respect hebben gehad en gewaardeerd hebben, wat die vier organisten op een voor hen min of meer vreemd instrument, presteerden. En de anderen, de overgrote meerderheid dus, hebben op hunne wijze genoten van alles wat, onder zo bijzondere en ook moeilijke omstandigheden, overvloedig werd aangeboden.

De kunst van het improviseren is wel een zéér bijzondere kunstuiting. Nu eens bloeit zij en dan weer schrompelt zij, als een stervende bloem, ineen. Na zo’n periode van verval komt zij telkens weer als iets betrekkelijk nieuws naar voren. Met Joh. Seb. Bach, die in Jan Reinken een gezaghebbend voorganger vond, vierde de kunst van het improviseren haar hoogste triomfen. En toen Bach eens voor de verkouden Reinken een uur lang improviseerde op de melodie van het Koraal: „Super flumina Babylonis", sprak de grijsaard de profetische woorden: „Ik meende dat mijn improvisatiekunst met mij zou sterven, maar nu weet ik, dat zij door U zal blijven voortleven". Zo is het gegaan.

Ook na Bach is, ondanks alles, de kunst van het improviseren blijven bestaan. Daartoe opgewekt door de Franse meesterorganist Marcel Dupré zijn het in ons land vooral de organisten Cor Bute en Hendrik Andriessen geweest, die de vele jaren in het vergeetboek geraakte improviseerkunst nieuw leven hebben ingeblazen. Dat hun pionierswerk niet te vergeefs is geweest, heeft het Improvisatie-Concert te Haarlem voldoende bewezen.

Wij beginnen, het bloed kruipt nu eenmaal waar het niet gaan kan, met „onze" organist George Stam. Voor hem, die van de optredende vier organisten het beroemde orgel van de Sint Bavokerk het minste kent, was de trip naar Haarlem het moeilijkst. Deze moeilijkheid werd nog verhoogd, omdat het thema dat Cor Kee hem een kwartier vóór het begin van het Improvisatie-Concert overhandigde, een paar „voetangels en klemmen" bevatte. De meeste toehoorders zullen van deze moeilijkheden wel niets bemerkt hebben. Wat Stam gaf, was niet alleen zéér knap, maar ook zéér boeiend. Van zijn hoogontwikkeld orgelspel hebben wij, als steeds, een sterke indruk mee naar huis genomen.

Anthon van der Horst deed zich in een Preludium en Fuga, op thema’s van Albert de Klerk wederom kennen als een talentvol improvisator. In de registratie was hij minder gelukkig. Alles verliep te veel in één en dezelfde kleur. Een meerdere afwisseling was, dunkt mij, mogelijk en gewenst geweest. Intussen erkennen wij volmondig, dat het improviseren op een groot en zwaar te hanteren instrument als het orgel in de St. Bavo een moeilijk op te lossen probleem is. Het kwam ons voor, dat Cor Kee van zijn thema met Variaties, op een motief van George Stam, nog wel iets meer had kunnen maken. Men kan niet zeggen, dat hij dit dankbare thema bepaald uitgebuit heeft. Te veel zal hij aan de noten vastgeklonken. Vooral was dit het geval in de eerste Variaties, die vrij simpel klonken. Later, toen hij zich „dichterlijke vrijheden" begon te veroorloven, kregen zijn Variaties een hogere betekenis. Bijzonder boeiend was het slot. Toen eerst gaf Cor Kee de volle maat en liet hij horen, welk een voortreffelijk organist wij in hem bezitten.

Albert de Klerk kreeg tot taak, een driedelige Sonate op thema’s van Anthon van der Horst te improviseren. Een moeilijke opgave, waarvan hij zich zéér loffelijk kweet. In zijn hoogstaand orgelspel zit een vaart, die weldadig aandoet en onwillekeurig dadelijk meesleept. Dit spel, dat bovendien beheerst en overtuigd klinkt, doét iets. Daar gaat iets van uit wat aantrekkelijk is. Met veel genoegen hebben wij met Albert de Klerk als organist kennis gemaakt. Prettig eens te bemerken dat de hoge muzikaliteit van vader Jos de Klerk op de zoon overgaat.

Willem Zonderland

Nieuwsblad van Friesland : Hepkema’s courant 1943-08-03

Kunst in Sint Bavokerk

Haarlem - Na Utrecht Leeuwarden en na Leeuwarden, het stemt tot voldoening, dat wij op het gebied van de Improvisatieorgelconcerten een voorsprong hebben, Haarlem. Het feit vier bekende organisten op één concert te horen leek ons een voldoende aanleiding een pelgrimstocht naar Haarlem te ondernemen. Vier organisten te horen op het door Christiaan Muller tussen 1735-1738 gebouwde prachtig klinkende orgel in een gewijde ruimte die akoestisch zo goed als volmaakt is, trok ons niet weinig aan. Het weten, dat deze vier organisten zouden improviseren verhoogde nog de attractie.

De belangstelling voor dit improvisatieconcert was bijzonder groot. Niet minder dan 1200 bezoekers waren uit bijna alle windstreken komen opdagen. Toen wij in de Haarlemsche St. Bavo deze verblijdend grote opkomst zagen, dachten wij: Wat zou Johan Sebastiaan Bach, de grootste improvisator van zijn tijd, de magistrale figuur, die altijd geleefd en gewerkt heeft in een kleinburgerlijke wereld die hem niet begreep, van deze grote belangstelling gezegd hebben? Als deze opvallend grote opkomst van het publiek voortkomt uit werkelijke belangstelling voor het orgelspel zelf en niet te wijten is aan een of ander modeverschijnsel van tijdelijke aard, dan gaat de Nederlandse orgelspelkunst ongetwijfeld een tijdperk van bloei tegemoet.

Wat de organisten aangaat, wij hebben dit bij dit laatste improvisatieconcert ervaren, is de tijd hiervoor alleszins gunstig. De vier improvisatoren, die bij dit concert optraden, Anthon van der Horst, George Stam, Cor Kee en Albert de Klerk, bewezen dat bij hen de Nederlandsche orgelspelkunst in goede soms zelfs in voortreffelijke handen is. Bij loting was uitgemaakt, dat Van der Horst 'n Preludium en Fuga op thema's van De Klerk-Stam een Passacaglia en Fuga op thema's van Kee; Kee een Thema met Variaties op een motief van Stam en De Klerk een driedelige Sonate op thema's van Van der Horst zou uitvoeren.

Anthon van der Horst zette fris en vrij 't Preludium in. Aanvankelijk was het thema moeilijk thuis te brengen. Later bleek ons, dat hij het Preludium vooraf liet gaan door een vrij opgezette inleiding. Het Preludium zelf  vatte hij nogal streng op. Knap van vorm viel hierin de organist van gezag te waarderen. De registratie, een héél moeilijk punt bij improvisatieconcerten, kon ons maar matig voldoen. Veel verder dan forte en fortissimo kwamen wij niet. Op den duur is dat wat vermoeiend. Van de Fuga hebben wij eerlijk gezegd niet veel begrepen. Wanneer er van een Fuga sprake is geweest dan loste deze zich te veel in het Preludium op.

Het thema dat George Stam voor zijn Passacaglia en Fuga van Cor Kee te bewerken kreeg was goed gevonden, maar bevatte in de vorm van twee springende kwinten een niet te onderschatten moeilijkheid. Stam sloeg zich door deze moeilijkheid kranig heen en gaf een reeks bewerkingen, die stuk voor stuk gehoord mochten worden. Als vervolg hierop sloot de Fuga prachtig aan. Een puur genot was het Stam hierin zijn hoogste troeven te horen uitspelen. In de registratie hadden wij graag nog iets meer afwisseling willen hebben.

Widor
Cor Kee was zo gelukkig voor zijn ‘Thema en Variaties’ van George Stam een dankbaar en melodieus ‘onderwerp’ te krijgen. Hoewel hij zo verstandig was met zachte stemmen te beginnen kan men niet zeggen, dat zijn eerste Variaties bepaald gelukkig uitvielen. Later herstelde hij zich en kwam hij steeds beter op dreef. Veel eigens, bij een Variatie kwam zelfs nog Widor op de proppen, gaf hij intussen niet. Toch ging tegen het slot, dat zeer briljant klonk, het geheel meer en meer boeien. Het bewijs een kranig organist voor te hebben gaf Cor Kee ongetwijfeld.

Van Albert de Klerk kregen wij een driedelige Sonate op thema's van Anthon van der Horst. Het eerste deel begon al dadelijk bewogen en gespierd. Dit orgelspel is wel iets bijzonders. Het getuigt van een moderne inslag en is toch beheerst en doordacht. Als improvisator bezit Albert de Klerk uitnemende kwaliteiten. Men mag zeggen dat de appel niet ver van de boom Hendrik Andriessen is gevallen. De gehele Sonate pleitte niet weinig voor deze hoogbegaafden organist, van wie wij in de toekomst stellig wel meer zullen horen.

Door: Willem Zonderland
Bron: Friesche Courant 04-08-1943

Schrijf een commentaar: (Klik hier)

123website.nl
Tekens over: 160
OK Verzenden.
Bekijk alle commentaren

Nieuwe commentaren

05.09 | 20:54

Mooie en informatieve tekst

...
03.01 | 14:15

Mooi om (toevallig eigenlijk) hier te komen 20 jaar na het overlijden van Cor Kee.

...
18.02 | 14:09

Zet deze video erbij:
https://www.youtube.com/watch?v=oTsDgY6CqEM.
Kee's muziek klinkt aanzienlijk beter op een fraaie Witte
dan op een electronicum.

...
22.01 | 00:56

Wat een tijd. de vijftige jaren. Wat heeft mijn Opa daar vaak over vertelt, dat hij naar de samenkomsten ging van Hermann Zeiss. Wat een beleving.......

...
Je vindt deze pagina leuk