Veel belangstelling voor orgelconcours Bolsward

Eerste nationaal orgel-improvisatieconcours in Bolsward

Het front van het machtige Hinschorgel in de Martinikerk in Bolsward

In de Martinikerk te Bolsward zal op zaterdag 2 juni voor de eerste maal in Nederland een nationaal orgel-improvisatie-concours worden gehouden. Dit concours wordt georganiseerd onder auspiciën van de Stichting Nationaal Orgelimprovisatie Concours Bolsward. Vijf jonge Nederlandse organisten zullen op 2 juni op het monumentale, in de vijftiger jaren gerestaureerde Hinsch-orgel in de Martini improviseren op een koraalmelodie op een vrij thema.

Doel van het concours is: Veelbelovende, jonge Nederlandse organisten de gelegenheid te geven, zich in artistieke wedijver met elkaar te meten en zich aan het orgelminnend publiek te laten horen; voor de jonge organisten in Nederland een prikkel en een uitdaging te vormen en in het algemeen de orgelcultuur van ons land, die de laatste tijd een grote bloei beleeft, op nog hoger niveau te helpen brengen.

In de St. Bavo-kerk in Haarlem wordt, zoals bekend, iedere zomer een improvisatieconcours gehouden voor organisten op het machtige orgel in die kerk. Deze concoursen, dit jaar wordt reeds het elfde gehouden, hebben grote bekendheid gekregen, in ons land en ver buiten de landsgrenzen. Zij zijn één van de stimulansen geweest voor de bloei van de Nederlandse orgelcultuur, die op het ogenblik elke vergelijking met het buitenland met glans kan doorstaan: zowel wat het artistiek peil van de Nederlandse organisten betreft als de improvisatiekunst, die hier een grote hoogte heeft bereikt Kee!) en de orgelbouw. Uit het concours in Haarlem is onder andere de zomerakademie voor orgel in Haarlem voortgekomen, waarvoor zich dit jaar reeds 35 organisten hebben gemeld. Het jaarlijks improvisatieconcours in Haarlem is echter een internationaal gebeuren, dat zich afspeelt op zeer hoog niveau. Jonge Nederlandse organisten hebben vaak nog niet de moed om aan dit concours deel te nemen. Daar komt bij, dat een Nederlander moeilijk aan bod komt, omdat de vier of vijf deelnemers aan dit internationale treffen ook internationaal gekozen worden.

Grote weerklank
Hier bestond dus een zekere leemte. Deze leemte gaat Bolsward nu op een, naar het zich laat aanzien, zeer gelukkig gekozen wijze vullen met een nationaal orgel-improvisatie-concours. In kringen van organisten en minnaars van de orgelkunst is dit initiatief met grote instemming en vreugde ontvangen. Figuren als prof. Hendrik Andriessen en Wouter Paap zegden onmiddellijk enthousiast hun medewerking toe, evenals dr. J. F. Overmayr, directeur van de Zomer-akademie voor Orgel in Haarlem, die alle drie ook in de raad van bijstand van de stichting zitting hebben genomen. De deskundigen zijn het erover eens, dat Bolsward als plaats uitermate geschikt is voor het komend concours. Het bezit een orgel, dat uitstekend bekend staat en dit orgel bevindt zich in een indrukwekkende en inspirerende omgeving. Dat men met het nieuwe initiatief de juiste snaar heeft getroffen, blijkt wel uit de bemoedigende steun en medewerking, die men van alle kanten ontvangt.


In de stichting hebben verscheidene bekende figuren uit de Nederlandse muziekwereld zitting genomen en zij heeft een zeer brede samenstelling gekregen. Erevoorzitter is mr. H. P. Linthorst-Homan, commissaris van de koningin in de provincie Friesland en voorzitter ds. H. Kreb van Bolsward, praeses van de Provinciale Kerkvergadering van de Hervormde Kerk in Friesland. De cantor-organist van de Martinikerk in Bolsward is voorzitter van het werkcomité en verder zitten in de stichting o.a. Ever Westra uit Groningen, voorzitter van de Nederlandse Organisten Vereniging D. W. L. Milo, voorzitter van de Gereformeerde Organistenvereniging en B. J. Fransen, voorzitter van de Katholieke Directeuren- en Organisten Vereniging.

In de jury hebben drie van de meest gezaghebbende figuren, die men in Nederland op dit gebied kan vinden, zitting gekregen: Cor Kee, Albert de Klerk en Piet van den Kerkhoff. Aan het concours kunnen Nederlandse organisten tot en met 35 jaar deelnemen Na de aanmelding, die 31 maart 'sluit, zal een vóór-selectie worden gemaakt Hiertoe wordt, zo nodig op een nader vast te stellen datum in de Leeuwenberg-kerk in Utrecht een voor-auditie gehouden. De vijf beste kandidaten zullen dan op 2 juni spelen in Bolsward.

Geen concurrentie
Bolsward wil Haarlem met dit nationaal concours geen enkele concurrentie aandoen. Van meet af aan heeft men het opgezet als een interne Nederlandse ontmoeting, een welkome aanvulling van het internationaal concours in de Sint Bavo en een poging tot verlevendiging en verhoging van de Nederlandse orgelcultuur. Als zodanig heeft men dit initiatief in Haarlem ook ontvangen en dat men er blij mee is bewezen de woorden, die dr. Obermayr, gistermiddag sprak op de persconferentie in het Bolswarder raadhuis, waarin de plannen voor het concours in Bolsward wereldkundig werden gemaakt.

Dat men Haarlem geen concurrentie wil aandoen, bewust ook het programma voor het concours zelf. In Bolsward zal namelijk niet alleen geïmproviseerd worden over een op te geven vrij thema (zoals in Haarlem), maar ook over een koraal-melodie. Dit laatste is in Haarlem niet mogelijk, aangezien de buitenlandse organisten de hier te lande gebruikelijke koralen niet of nauwelijks kennen. Het feit, dat het concours in Bolsward interkerkelijk is opgezet vormt hier ook geen bezwaar, omdat verschillende koralen zowel in de rooms-katholieke als in de protestantse eredienst gespeeld en gezongen worden.

Het ligt niet in de bedoeling om, zoals in Haarlem het geval is, een wisselprijs beschikbaar te stellen. Er worden elk jaar twee prijzen beschikbaar gesteld: één voor het beste geheel en één voor de beste koraal-improvisatie. De gedachten gaan uit naar kunstvoorwerpen.

Men streeft in Bolsward naar een bescheiden, maar zo stijlvol mogelijke opzet. Door een goede start wil men een jaarlijkse herhaling van dit evenement mogelijk en verantwoord maken. Het doel is namelijk, van dit concours een jaarlijks terugkerend gebeuren te maken.

Bron: Leeuwarder Courant 15-03-1962

Bolsward krijgt dit jaar nationaal orgelconcours

Begin van een nieuwe traditie?

BOLSWARD — Al geruime tijd bestaat in ons land de behoefte aan een nationaal kerkorgelconcours om veelbelovende jonge Nederlandse organisten de gelegenheid te geven zich in artistieke wedijver te meten op een niveau, dat hen niet bij voorbaat uitsluit. Een dergelijk nationaal improvisatieorgelconcours zal op 2 juni a.s. gehouden worden in de Martinikerk te Bolsward, welke plaats door het uitstekende orgel, waarover de kerk beschikt, algemeen wordt beschouwd als een bijzonder gelukkige keus. Het concours vindt plaats onder auspiciën van de Stichting Nationaal Orgel Improvisatieconcours Bolsward die aan wil sturen op een jaarlijkse herhaling van dit initiatief.

In de monumentale omgeving van de uit 1466 fraai bewaarde, oude Martinikerk wordt succes vrijwel verzekerd geacht. De Stichting acht de gebeurtenis alleen van belang, wanneer een zeer hoog artistiek niveau kan worden bereikt. Dit niveau zou inderdaad te bereiken zijn, daar verschillende bekende leraren over zeer begaafde leerlingen beschikken. Vandaar ook dat een beroep werd gedaan op de beste juryleden, die in Nederland voor dit doel zijn te benaderen: Cor Kee, Albert de Klerk en Piet van den Kerkhoff. Zij toonden zich allen ten volle bereid hun medewerking te verlenen en waren zeer enthousiast over het plan. Het concours, in Bolsward is bedoeld voor organisten tot en met 35 jaar. Na de aanmelding zal een voorselectie worden gehouden. De vijf beste kandidaten zullen dan op zaterdag 2 juni spelen.

Ook in Haarlem wordt jaarlijks een improvisatie-concours gehouden, dat een wereldwijde bekendheid heeft gekregen. Dit concours is echter internationaal, wat betekent, dat jonge Nederlandse organisten hier heel moeilijk aan bod komen. Bovendien is bewezen, dat de Nederlandse organisten, voor zover zij wel dit internationale niveau weten te halen, vaak te schroomvallig zijn zich in dit luxe-gezelschap van 's werelds beste organisten te wagen. In een aantal gevallen blijkt hier dan ook sprake tij zijn van een onderschatting van eigen prestaties.

Het fraaie, in 1539 gebouwde orgel van de Martinikerk, dat vervaardigd werd door de destijds in de oude Hanzestad gevestigde orgelbouwer Herman Rottensteen, die later in Denemarken is gaan wonen.

Bron: Friese koerier 15-03-1962

Vijf deelnemers nu bekend

BOLSWARD - De belangstelling voor het nationale orgelimprovisatieconcours, dat zaterdag 2 juni, 's middags om twee uur, in de Martinikerk van Bolsward wordt gehouden, blijkt, vooral in organistenkringen, bijzonder groot te zijn. Uit het hele land komen zeer prettige reakties, terwijl ook bezoek uit Duitsland is aangekondigd.

Bolsward roeit, daar zijn alle deskundigen het over eens, in de goede richting. Dat het initiatief uiterst waardevol wordt gevonden, kan men ook opmaken uit de inschrijving. Niet minder dan twaalf organisten stuurden een aanvraag. Gelet op het bepaald niet alledaagse van de improvisatiekunst, was de Stichting Nationaal Orgel Improvisatie Concours Bolsward met dit aantal uiterst tevreden, speciaal toen hij dezer dagen in de Utrechtse Leeuwenburgkerk gehouden voor-auditie kwam vast te staan, dat het artistieke peil van de kandidaten belangwekkend was.

De auditie duurde van twee uur tot vijf uur 's middags. Elke kandidaat improviseerde een kwartier lang op het uitstekende Flentrop-orgel vrij over een door de drie juryleden, de heren Cor Kee, Albert de Klerk en Piet van den Kerkhoff, opgegeven thema. Een thema dat weinig mogelijkheden bood en dus de begaafdheid van de er mee worstelende organisten scherp aantoonde. Er waren verschillende, ook moderne, stijlen te beluisteren, zodat mag worden aangenomen, dat het concours van 2 juni een interessante afwisseling zal geven. Na ernstig overleg kwam de op een galerij „verdekt opgestelde" jury tot de conclusie, dat de volgende organisten in Bolsward zullen uitkomen: Huub ten Hacken uit Vught, Nico van der Hoven uit Den Haag, K. van Houten uit Helmond, Bert Matter uit Gorssel en Ton Peelen uit Amsterdam. Bij de twaalf inschrijvers, die nagenoeg allen tot zeer acceptabele prestaties kwamen, bestond veel enthousiasme.

Na de auditie in Utrecht is nog bekend geworden, dat de winnaar van het nationale concours in Bolsward een uitnodiging krijgt voor het internationale concours van volgend jaar in Haarlem. In kunstenaarskringen is maar al te goed bekend, wat dit voor een jonge organist betekent. Bovendien wordt met deze geste van Haarlem, dat volledig achter het Bolswarder gebeuren staat, het doel van het nationale concours — een hiaat aan te vullen — geaccentueerd. Verder zal de winnaar één of meer concerten in Friesland (Bolsward) geven, terwijl nog over een concert in ander verband wordt overlegd. De NCRV tenslotte zendt het hele concours over de radio uit.

Bron: Leeuwarder Courant 04-05-1962

Zilveren halve noot inzet van Bolswarder orgelconcours

BOLSWARD — Het nationaal orgel improvisatieconcours dat zaterdag in de Martinikerk te Bolsward voor de eerste maal wordt gehouden geniet alom in den lande grote belangstelling. Het is voor de eerste maal in Nederland dat een dergelijk concours wordt gehouden. Haarlem kent al enige jaren een zgn. internationaal orgelconcours. Hieraan mag slechts door één Nederlander worden deelgenomen. Voor het concours te Bolsward hadden zich twaalf deelnemers, een ongekend groot aantal, gemeld.

Na een auditie te Utrecht bleven er vijf organisten over. Dit zijn Huub ten Hacken, Vlugt, Bert Matter, Zutphen, Kees van Houten, Helmond, Nico v. d. Hooven, Helmond en Ton Peelen, Amsterdam. Als reserve is aangewezen H. de Jong uit Delft. Pas een half uur voor de aanvang van het concours, de loting wordt verricht door ds. H. Kreb uit Bolsward, zullen de deelnemers de opgaaf onder ogen krijgen Het thema is gecombineerd door de bekende musicoloog prof. H. Andriessen, directeur van het Kon. Conservatorium uit Den Haag. ledere deelnemer speelt ca. een half uur.

Voor de prijswinnaars zijn er twee prijzen beschikbaar. De heer J. A. van der Houten, goudsmid te Leeuwarden, heeft een fraaie zilveren halve noot (zie foto) gemaakt. Dit kleinood is voor de eerste prijswinnaar. Voor de beste orgelharmonisatie en improvisatie heeft mr. H. P. Linthorst Homan een prijs beschikbaar gesteld. Het is dus mogelijk dat beide prijzen aan één en dezelfde persoon worden toegekend. De jury bestaat uit de heren P. v.d. Kerkhof te Rotterdam, Cor Kee te Zaandam en A. de Klerk, Haarlem. Het organisatiecomité te Bolsward heeft bij de voorbereiding van dit concours nauw contact gehad met de organisatoren in Haarlem. In principe is overeengekomen dat de winnaar van het concours te Bolsward, men wil er een jaarlijks terugkerend gebeuren van maken, uitgenodigd zal worden voor het internationale concours te Haarlem.

Bron: Friese Koerier 29-05-1962

Nico van den Hooven wint eerste orgelimprovisatie-concours in Bolsward

Ds. Kreb reikt de zilveren halve noot uit aan de Nico van den Hooven

In de Martinikerk in Bolsward is zaterdagmiddag voor de eerste maal in Nederland een nationaal orgel-improvisatie-concours gehouden. Vijf jonge Nederlandse organisten beklommen de orgelbank van het machtige Hinsch-orgel om in edele, muzikale wedijver ten aanhore van een grote schare hun kunnen op het gebied van improvisatiekunst naar voren te brengen. De inzet van de strijd was een zilveren halve noot. Na een voor de deelnemers enerverende strijd en stellig nog enerverender wachttijd daarna werd in een zitting in het raadhuis de 27-jarige organist van de Goede Vrijdagkerk in Den Haag, Nico van den Hooven, die als eerste gespeeld had, als winnaar aangewezen. Tweede werd Torn Peelen uit Amsterdam, die als derde had gespeeld.

De belangstelling voor dit concours was verrassend groot; ruim vijfhonderd personen, onder wie belangstellenden en genodigden uit alle delen van het land en vele jongeren, beluisterden de vijf organisten, die elk een klein half uur speelden. Voor de ingewijden in de improvisatiekunst en de anderen, die direct betrokken zijn bij de orgelkunst, was dit een boeiende middag, voor de belangstellende leken een zware, maar toch leerzame en interessante manifestatie. Het medeleven van het publiek bleek wel uit het feit, dat het stadhuis toen daar de prijsuitreiking werd gehouden, belegerd werd door nieuwsgierigen, die de uitslag wilden weten.

De stad Bolsward had dit orgelfeest weer omringd met de stijl en de grote en kleine charmes die het bezit en weet te gebruiken. Dit, samen met een uitstekende organisatie, maakte, dat het concours een stijlvol gebeuren werd, dat na afloop een goede basis voor de opbouw van een nieuwe traditie genoemd kon worden. Hier en daar kunnen en moeten zeker nog verbeteringen worden aangebracht, maar dit concours kan toch uitgroeien tot een manifestatie, die stimulerend kan werken voor de orgelkunst in Nederland in het algemeen en de improvisatie-kunst in het bijzonder, met name onder de jonge Nederlandse organisten. Eén van moeilijkste, maar toch noodzakelijke opgaven lijkt ons, dat dit concours ook een breed publiek in de eigen omgeving kan aanspreken en blijven trekken en zo ook kan meehelpen aan de ontwikkeling van de orgelcultuur in de eigen omgeving.

Improviseren is letterlijk „voor de vuist weg" spelen, „voor de handen weg" spelen. Het is een zeer speciale kunst, die, in alle vrijheid, gebonden is aan thema's en regels. Het is een voortdurend avontuur, een experiment, dat steeds weer een ander experiment voortbrengt. Het is nieuw en het biedt steeds weer nieuwe verrassingen. Het vraagt behalve de muzikale kwaliteiten moed en vindingrijkheid. Het orgel-improviseren is anders dan het improviseren in de jazz: in de 'jamsession' ondersteunt en inspireert men elkaar en wisselt men elkaar af; bij het orgel-improviseren wordt de organist alleen gelaten met zijn thema, zijn orgel, zijn kunnen en fantasie. Het is, volgens Cor Kee „de kunst van dingen uit de vingers te laten vallen, ze op te rapen en ze te gebruiken."

De deelnemers moesten deze middag een opgegeven koraalmelodie harmoniseren, een orgelkoraal improviseren op dit thema en een fantasie en fuga improviseren op een opgegeven thema. De thema's waren gemaakt door prof. Hendrik Andriessen uit Den Haag. Als juryleden traden op: Cor Kee uit Zaandam, Piet van den Kerkhoff uit Rotterdam en Albert de Klerk uit Haarlem.

Beoordeling
Bij het spel van de vijf deelnemers maakte de Leeuwarder cantor-organist Piet Post voor ons de volgende aantekeningen en beoordeling:

De eerste speler, de winnaar Nico van den Hooven, gaf een eenvoudige koraalharmonisatie, waarbij de melodie het belangrijkste bleef, op een juiste wijze geïnterpreteerd. In het orgelkoraal gebruikte hij een consequent volgehouden figuratie rondom de melodie, hoewel het geheel nogal droog aandeed en de speler niet geheel los kwam. De fantasie werd opgebouwd volgens het schema A-B-A. Het eerste gedeelte was gebaseerd op de eerste twee noten en het tweede deel op de tweede helft van het thema. Het was een goed uitgewerkte fantasie met een coda. De fuga was goed opgezet en uitgewerkt en hecht van vorm. Het einde van het stretto was iets te lang uitgesponnen. In harmonisch opzicht was het geheel vrij traditioneel. De hele aanpak was voorzichtig en behoedzaam en deed daardoor mat aan.

De tweede speler, Bert Matter uit Zutphen, had zijn koraalharmonisatie als trio uitgewerkt. Het orgelkoraal was bij hem frisser, origineler en zelfbewuster van opzet dan bij nummer één. Zijn fantasie was fors van opzet. Moderne harmonieën werden er in afgewisseld met heel eenvoudige. De fantasie bezat een interessant middendeel. De vormgeving van het geheel bleef echter te fragmentarisch. De fuga kenmerkte zich door een goede expositie. De ontwikkeling was echter minder goed. Het stretto was interessant. Hoewel origineler en frisser dan bij nummer één, bleef het geheel te brokkelig. Bij de derde speler, tweede prijswinnaar Torn Peelen uit Amsterdam, was de koraalharmonisatie slecht geharmoniseerd en te langzaam van tempo. Het orgelkoraal was fantasierijk van opzet met imitaties. De registratie was goed gekozen en de beste tot nu toe. De fantasie was fors van opzet. Zij kenmerkte zich door een arpeggio-opbouw van de eerste maat, terwijl de twee laatste maten van thema gebruikt werden voor de snellere passages. Het geheel was goed van bouw en afwerking en rijk aan harmonische vondsten. De fuga was klassiek opgezet met een goed contrapunt, afgeleid van het tweede deel van het thema. In de ontwikkeling was het contrapunt goed volgehouden. Peelen gebruikte het thema ook in majeur. Het slot was iets minder goed dan het voorafgaand. Het geheel was evenwel goed architectonisch opgebouwd.

De vierde speler, Huub ten Hacken uit Vught, nam in zijn koraalharmonisatie het tempo te traag, terwijl harmonisatie en registratie te ‘vet’ waren. Het orgelkoraal kenmerkte zich door een mooi opgezet, versierd cantus firmus. Het werd evenwel te lang uitgesponnen en zakte gaandeweg in peil en spanning. De fantasie was namelijk vrij en alleen maar op klanken gebaseerd. Het thema was meestal zoek. De speler toonde weinig fantasie en vormbeheersing en brak abrupt af. De inzet van de fuga was weifelend. De speler scheen niet veel raad met een fuga-opbouw te weten en bracht zomaar wat ‘Spielerei’. Het peil van deze fuga lag stukken lager dan bij de vorige spelers.

De koraal-harmonisatie van de vijfde deelnemer, Kees van Houten uit Helmond, bezat een weinig fraaie harmonisatie met een teveel aan harmonieën. De melodie had te weinig bewegingsvrijheid. In het orgelkoraal zaten goede vondsten. Het tussengedeelte was te lang uitgesponnen en het geheel was wat onzeker van vormgeving. Evenals nummer vier bracht Van Houten een vrije fantasie met veel Fransgekleurde akkoorden en tierelantijnen. Het thema was vaak zoek en de vorm zwak. De fuga kreeg een goede traditionele opzet. Het contrapunt werd echter niet zelfstandig doorgevoerd. De ontwikkeling bleef slap, met hier en daar een doorschijnen van het thema. Het geheel was te brokkelig en te weinig hecht van opbouw en vorm.

De jury wees de eerste speler als winnaar aan. Piet Post had nummer drie, die door de jury als tweede werd aangewezen, de beste kansen toegedacht, met de beste koraalbewerking.

Zijn slotconclusie over dit concours: De thema's, waarover moest worden geïmproviseerd, waren te gelijk van karakter en te traditioneel. Vooral het fugathema legde de spelers te veel aan harmonische banden. Het huidige klankidioom, dat de spelers ook hebben laten horen en in zich hebben, vraagt een ander thema met meer harmonische mogelijkheden. Een thema moet inspirerend, maar niet bindend werken. Wij geloven, dat de prestaties hierdoor wel ongunstig zijn beïnvloed.

De voorzitter van de Stichting Nationaal Orgel Improvisatie Concours in Bolsward, ds. H. Kreb te Bolsward, zei bij de prijsuitreiking in de raadzaal, moed gekregen te hebben voor de toekomst van dit concours. Hij hoopte, dat het concours kan uitgroeien tot een jaarlijkse traditie. Ds. Kreb dankte met name het Anjerfonds Friesland en het Prins Bernhard Fonds, die dit concours financieel mogelijk hebben gemaakt. Nadat ds. Kreb aan de winnaar de ereprijs, vervaardigd door de Leeuwarder goudsmid J. A. van der Houten, had uitgereikt, overhandigde gedeputeerde S. van Abbema een wandbord van Makkumer aardewerk, een prijs, beschikbaar gesteld door de commissaris der koningin, mr. H. P. Linthorst Homan aan de tweede prijswinnaar. Alle vijf deelnemers kregen een zilveren speldje met de halve noot. De burgemeester van Bolsward, mr. J. A, Geukers, noemde in zijn dankwoord speciaal de naam van de cantor-organist van de Martinikerk, Gezinus Schrik, bij wie het initiatief tot dit concours is geboren.

Bron: Leeuwarder courant 04-06-1962

 

Jong talent improviseerde in Martini

Nico van den Hooven won eerste orgelimprovisatie-concours in Bolsward Tom Peelen werd tweede in een edele strijd om de zilveren halve noot

In de Martinikerk in Bolsward is zaterdagmiddag voor de eerste maal in Nederland een nationaal orgel-improvisatie-concours gehouden. Vijf jonge Nederlandse organisten beklommen de orgelbank van het machtige Hinsch-orgel om in edele, muzikale wedijver ten aanhore van een grote schare hun kunnen op het gebied van improvisatie-kunst naar voren te brengen. De inzet van de strijd was een zilveren halve noot. Na een voor de deelnemers enerverende strijd en stellig nog enerverender wachttijd daarna werd in een zitting in het raadhuis de 27--jarige organist van de Goede Vrijdagkerk in Den Haag, Nico van den Hooven, die als eerste gespeeld had, als winnaar aangewezen. Tweede werd Torn Peelen uit Amsterdam, die als derde bad gespeeld.

De belangstelling voor dit concours was verrassend groot; ruim vijfhonderd personen, onder wie belangstellenden en genodigden uit alle delen van het land en vele jongeren, beluisterden de vijf organisten, die elk een klein half uur speelden. Voor de ingewijden in de improvisatiekunst en de anderen, die direkt betrokken zijn bij de orgelkunst, was dit een boeiende middag, voor de belangstellende leken een zware, maar toch leerzame en interessante manifestatie. Het medeleven van het publiek bleek wel uit het feit, dat stadhuis toen daar de prijsuitreiking werd gehouden, belegerd werd door nieuwsgierigen, die de uitslag wilden weten.

De stad Bolswaromatr Uit "Orgelleest weer omringd: met.de stijl en de grote en kleine charmes die het hezit en weet te gebruiken. Dit, samen met een uitstekende organisatie, maakte, dat het concours een stijlvol gebeuren werd, dat na afloop een goede basis voor de opbouw van een nieuwe traditie genoemd kon worden. Hier en daar kunnen en moeten zeker nog verbeteringen worden aangebracht, maar dit concours kan toch uitgroeien tot een manifestatie, die stimulerend kan werken voor de orgelkunst in Nederland in het algemeen en de improvisatie-kunst in het bijzonder, met name onder de jonge Nederlandse organisten. Eén van moeilijkste, maar toch noodzakelijke opgaven lijkt ons, dat dit concours ook een breed publiek in de eigen omgeving kan aanspreken en blijven trekken en zo ook kan meehelpen aan de ontwikkeling van de orgelcultuur in de eigen omgeving.

Improviseren is letterlijk „voor de \vuist weg" spelen, „voor de handen weg" spelen. Het is een zeer speciale kunst, die, in alle vrijheid, gebonden is aan thema's en regels. Het is een voortdurend avontuur, een experiment, dat steeds weer een ander experiment voortbrengt. Het is nieuw en het biedt steeds weer nieuwe verrassingen. Het vraagt behalve de muzikale kwaliteiten moed en vindingrijkheid. Het orgel-improviseren is anders dan het improviseren in de jazz: in de „jamsession" ondersteunt en inspireert men elkaar en wisselt men elkaar af; bij het orgel-improviseren wordt de organist alleen gelaten met zijn thema, zijn orgel, zijn kunnen en fantasie. Het is, volgens Cor Kee „de kunst van dingen «it de vingers te laten vallen, ze op te rapen en ze te gebruiken."

De deelnemers moesten deze middag een opgegeven koraalmelodie harmoniseren, een orgelkoraal improviseren op dit thema en een fantasie en fuga improviseren op een opgegeven thema. De thema's waren gemaakt door prof. Hendrik Andriessen uit Den Haag. Als jury-leden traden op: Cor Kee uit Zaandam, Piet van den Kerkhoff uit Rotterdam en Albert de Klerk uit Haarlem.

De voorzitter van de Stichting Nationaal Orgel Improvisatie Concours tn Bolsward, ds. H. Kreb te Bolsward reikte de ereprijs, de zilveren halve noot, uit aan de prijswinnaar, Nico van den Hooven uit Den Haag.

Beoordeling
Bij het spel van de vyf deelnemers maakte de Leeuwarder cantor-organist Piet Post voor ons de volgende aantekeningen en beoordeling:

De eerste speler (de winnaar Nico van den Hooven) gaf een eenvoudige koraal-harmonisatie, waarbij de melodie het belangrijkste bleef — op een juiste wijze geïnterpreteerd. In het orgelkoraal gebruikte hij een konsekwent volgehouden figuratie rondom de melodie, hoewel het geheel nogal droog aandeed en de speler niet geheel los kwam. De fantasie werd opgebouwd volgens het schema A-B-A. Het eerste gedeelte was gebaseerd op de eerste twee noten en het tweede deel op de tweede helft van het thema. Het was een goed uitgewerkte fantasie met een coda. De fuga was goed opgezet en uitgewerkt en hecht van vorm. Het einde van het stretto was iets te lang uitgesponnen. In harmonisch opzicht was het geheel vrij traditioneel. De hele aanpak was voorzichtig en behoedzaam en deed daardoor mat aan.

De tweede speler (Bert Matter uit Zutfen) had zijn koraalharmonisatie als trio uitgewerkt. Het orgelkoraal was bij hem frisser, origineler en zelfbewuster van opzet dan bij nummer één. Zijn fantasie was fors van opzet. Moderne harmonieën werden er in afgewisseld met heel eenvoudige. De fantasie bezat een interessant middendeel. De vormgeving van het geheel bleef echter te fragmentarisch. De fuga kenmerkte zich door een goede expositie. De ontwikkeling was echter minder goed. Het stretto was interessant. Hoewel origineler en frisser dan bij nummer één, bleef het geheel te brokkelig. Bij de derde speler (tweede prys-winnaar Torn Peelen uit Amsterdam) was de koraal-harmonisatie slecht geharmoniseerd en te langzaam van tempo. Het orgel-koraal was fantasierijk van opzet met imitaties. De registratie was goed gekozen en de beste tot nu toe. De fantasie was fors van opzet. Zy kenmerkte zich door een arpeggio-opbouw van de eerste maat, terwijl de twee laatste maten van thema gebruikt werden voor de snellere passages. Het geheel was goed van bouw en afwerking en rijk aan harmonische vondsten. De fuga was klassiek opgezet met een goed kontrapunt, afgeleid van het tweede deel van het thema. In de ontwikkeling was het kontrapunt goed volgehouden. Peelen gebruikte het thema ook in majeur. Het slot was iets minder goed dan het voorafgaand. Het geheel was evenwel goed architektonisch opgebouwd.

De vierde speler (Huub ten Hacken uit Vught) nam in zijn koraal-harmonisatie het tempo te traag, terwijl harmonisatie en registratie te „vet" waren. Het orgel-koraal kenmerkte zich door een mooi opgezet, versierd cantus firmus. Het werd evenwel te lang uitgesponnen en zakte gaandeweg in peil en spanning. De fantasie was namelijk vrij en alleen maar op klanken gebaseerd. Het thema was meestal zoek. De speler toonde weinig fantasie en vormbeheersing en brak abrupt af. De inzet van de fuga was weifelend. De speler scheen niet veel raad met een fuga-opbouw te weten en bracht zomaar wat „Spielerei". Het peil van deze fuga lag stukken lager dan bij de vorige spelers. De koraal-harmonisatie van de vijfde deelnemer (Kees van Houten uit Helmond) bezat een weinig fraaie harmonisatie met een teveel aan harmonieen. De melodie had te weinig bewegingsvrijheid. In het orgelkoraal zaten goede vondsten. Het tussengedeelte was te lang uitgesponnen en het geheel was wat onzeker van vormgeving. Evenals nummer vier bracht Van Houten een vrije fantasie met veel frans-gekleurde akkoorden en tierelantijnen. Het thema was vaak zoek en de vorm zwak. Dé fuga kreeg een goede traditionele opzet. Hét kontrapunt werd echter niet zelfstandig doorgevoerd. De ontwikkeling bleef slap, met hier en daar een doorschijnen van het thema. Het geheel was te brokkelig en te weinig hecht van opbouw en vorm.

De jury wees de eerste speler als winnaar aan. Piet Post had nummer drie, die door de jury als tweede werd aangewezen, de beste kansen toegedacht, met de beste koraal-bewerking.

Zijn slotconclusie over dit concours: De thema's, waarover moest worden geïmproviseerd, waren te gelijk van karakter en te traditioneel. Vooral het fuga-thema legde de spelers te veel aan harmonische banden. Het huidige klankidioom, dat de spelers ook hebben laten horen en in zich hebben, vraagt een ander thema met meer harmonische mogelijkheden. Een thema moet inspirerend, maar niet bindend werken. Wij geloven, dat de prestaties hierdoor wel ongunstig zijn beïnvloed.

Nieuwe traditie?
De voorzitter van de Stichting Nationaal Orgel Improvisatie Concours in Bolsward, ds. H. Kreb te Bolsward, zei bij de prijsuitreiking in de raadzaal, moed gekregen te hebben voor de toekomst van dit concours. Hij hoopte, dat het concours kan uitgroeien tot een jaarlijkse traditie. Ds. Kreb dankte met name het Anjerfonds Friesland en het Prins Bernhard Fonds, die dit concours financieel mogelijk hebben gemaakt. Nadat ds. Kreb aan de winnaar de ereprijs, vervaardigd door de Leeuwarder goudsmid J. A. van der Houten, had uitgereikt, overhandigde gedeputeerde S. van Abbema een wandbord van Makkumer aardewerk — een prijs, beschikbaar gesteld door de commissaris der koningin, mr. H. P. Linthorst Homan aan de tweede prijswinnaar. Alle vijf deelnemers kregen een zilveren speldje met de halve noot. De burgemeester van Bolsward, mr. J. A, Geukers, noemde ln zijn dankwoord speciaal de naam van de cantor-organist van de Martinikerk, Gezinus Schrik, bij wie het initiatief tot dit concours is geboren.

 

Bron: Leeuwarder Courant 04-06-1962

Nico van den Hooven won orgelconcours Bolsward

Het orgel improvisatieconcours dat zaterdagmiddag te Bolsward werd gehouden, was niet alleen nationaal wat betreft de deelnemers, maar ook wat de bezoekers aangaat. Uit alle delen van ons land waren belangstellenden naar Bolsward gekomen om dit concours, dat uniek is in Europa, bij te wonen. Vooral het aantal musici was opvallend groot, hetgeen tevens bewijst hoe belangrijk men ook in vakkringen een dergelijke improvisatiewedstrijd vindt.

De Stichting „Nationaal Orgel improvisatie concours Bolsward" (gevormd op initiatief van organist G. Schrik) wil hiermee een voortzetting geven van het improvisatieonderwijs aan de conservatoria en dan speciaal de orgelimprovisatiekunst. Bovendien is het mogelijk een indruk te krijgen van wat aan jong talent in ons land aanwezig is. De improvisatie is een vorm van musiceren die bijzonder interessant kan zijn, omdat de kunstenaar hier niet recreatief maar creatief werkzaam is: eigenlijk de zuiverste vorm van musiceren.

Het is hierbij nooit te vermijden dat door het wedstrijdkarakter en door het gebonden zijn aan het voorgeschreven thematisch materiaal onder het spelen toevalligheden uit de vingers komen waarop de improvisator niet gerekend had en die nogal eens kunnen leiden tot noodsprongen of noodgrepen.

De opgaven voor de deelnemers aan de wedstrijd te Bolsward waren als volgt. 1. Het harmoniseren van een koraal melodie.

2. Het improviseren van een orgelkoraal hierop. (Deze opgaven moesten onvoorbereid gespeeld worden)

3. Het improviseren van een fantasia en fuga op een gegeven thema. Dit thema kreeg elke deelnemer een half uur voor zijn optreden ter inzage. De thema's waren gecomponeerd door Prof. Hendrik Andriessen. De volgorde van optreden werd door loting vastgesteld en bleef geheim voor jury en publiek. Na een reeds eerder gehouden auditie waren de volgende vijf organisten toegelaten tot dit concours:

Nico van den Hooven, Den Haag; Bert Matter, Zutphen; Ton Peelen, Amsterdam; Huub ten Hacken, Vught en Kees van Houten, Helmond.

De jury werd gevormd door Cor Kee Zaandam, Piet van den Kerkhoff Rotterdam en Albert de Klerk Haarlem. De eerste deelnemer: Nico van den Hooven gaf een uitstekende harmonisatie van de koraalmelodie. Zijn improvisatie van een orgelkoraal miste de contrapuntiek af en toe de doorgaande beweging. Hierdoor kwamen aardige muzikale initiatieven niet tot ontwikkeling. Dit alles stelt wel enorme eisen maar in de Fantasia en Fuga liet Nico van den Hooven horen dat hij de mogelijkheden heeft hieraan in vele opzichten te voldoen. De opbouw was duidelijk en evenwichtig. De registratie was evenals bij de andere deelnemers (uitgezonderd Kees van Houten) nogal vlak.

Bert Matter had een minder gelukkige registratie i.v.m. de zuiverheid terwijl ook het karakter van de dorische toonsoort even overging in de kleine terts toonladder. Knap was zijn spel in de Fantasia en bij de opzet van de fuga.

Ton Peelen Amsterdam die deze week in Utrecht zal spelen voor de ,,Prix d' Excellence" was op zijn best in de „orgelkoraal improvisatie" waarbij opviel de canonische imitatie. Voor dit onderdeel ontving Peelen een wandbord van Makkumer aardewerk, beschikbaar gesteld door de commissaris der koningin in Friesland.

Het spel van Huub ten Hacken kan nog winnen aan duidelijkheid, het spel als geheel had nog te weinig eenheid, waardoor de resultaten, hoe goed die afzonder lijk ook waren, te weinig verband hielden met het opgegeven materiaal. Kees van Houten behoorde bij heel wat luisteraars tot de kanshebbers. Een bewuste opbouw en knap gebruik van de themathiek met een goed passende registratie. Een organist die vooral in het laatste onderdeel fraaie improvisatie* kunst liet horen. Na afloop werd in het prachtige Stadhuis van Bolsward de uitslag bekend gemaakt en zijn de prijzen uitgereikt. Hiermee werd het geslaagde improvisatie concours op een plechtige maar ook prettige wijze besloten.

COR NIJDAM.

 

Bron: Friese koerier 04-06-1962

Schrijf een commentaar: (Klik hier)

123website.nl
Tekens over: 160
OK Verzenden.
Bekijk alle commentaren

Nieuwe commentaren

05.09 | 20:54

Mooie en informatieve tekst

...
03.01 | 14:15

Mooi om (toevallig eigenlijk) hier te komen 20 jaar na het overlijden van Cor Kee.

...
18.02 | 14:09

Zet deze video erbij:
https://www.youtube.com/watch?v=oTsDgY6CqEM.
Kee's muziek klinkt aanzienlijk beter op een fraaie Witte
dan op een electronicum.

...
22.01 | 00:56

Wat een tijd. de vijftige jaren. Wat heeft mijn Opa daar vaak over vertelt, dat hij naar de samenkomsten ging van Hermann Zeiss. Wat een beleving.......

...
Je vindt deze pagina leuk